Tukkerpubers drinken niet

‘Die van ons drinkt nog niet’.
Tijdens ons jaarlijkse dorpsfeest loop ik een vriendinnetje van vroeger tegen het lijf. Haar zoon is aan het kamperen met wat vriendjes. Gewoon in een tent ergens in een weiland bij een boerderij, meer hebben tukkerpubers niet nodig. Beetje rondhangen, beetje voetballen, beetje stoer doen voor de meisjes, je kent het wel. Maar daar wordt dus niet gedronken. Zegt ze.

Grijnzend kijk ik haar aan terwijl ik vragend mijn ene wenkbrauw optrek. Mijn vriendinnetje van vroeger lacht. Ze weet precies wat ik denk. Mijn vriendinnetje van vroeger is namelijk zelf ook jong geweest. Net als ik. Nóg jonger dan we nu zijn bedoel ik dan hè… En toen werd er ook niet gedronken… Heus niet…

Het was ergens tijdens onze veelbesproken ‘HAVO-tijd’. De HAVO-tijd! Wat een feest was dat! De beste verhalen stammen nog altijd uit die periode. Een vijf jaar durende fantastische aaneenschakeling van geweldige weekenden waar maar geen eind aan leek te komen. We hadden met een groep vriendinnen een ‘hok’. Zo noemen we hier in Twente een schuur of bouwkeet waarin pubers dingen doen die hun ouders niet aankunnen. Dat hok van ons noemden we dan -origineel als we waren- Het Hok. En in Het Hok werd dus nooit gedronken… Heus niet…

jeugd van tegenwoordig

Nou waren mijn ouders nooit echt moeilijk hoor! Een veel gemaakte, en door mijn zus en mij zeer geliefde uitspraak van mijn vader was: ‘Loat toch loop’n…’ Mijn ouders waren ouders die zich tijdens onze pubertijd nog heel goed kon herinneren dat ze zelf ook jong geweest zijn. En dat de wereld zo onmeunig mooi is als je zeventien bent! En dat gunden zij hun dochters ook. En die dochters, die genoten in puberale, lompe onbezonnenheid met volle teugen van die verdomd mooie wereld!

Ik weet dat mijn vriendinnetje van vroeger haar zoon hetzelfde gunt, maar om nou tegen je puberzoon te zeggen dat ie ook af en toe een weekendje even niet zo verstandig moet doen… Mja… ‘k weet nie…   ;-)

Terwijl ik haar grijzend sta aan te kijken denk ik terug aan Hemelvaartsdag, wat zal het geweest zijn, 1997 of zo. Het zou ook zomaar 1995 geweest kunnen zijn, maar ik weet dat er mensen meelezen die beter kunnen leven met het idee dat het 1997 moet zijn geweest. Toen waren we volgens de wet namelijk bijna volwassen. Da’s toch minder schokkend dan hè…   ;-)
Hemelvaartsdag was destijds (oef, nou klink ik als ’n bejaarde) voor tukkerpubers dé dag van het jaar! Ook de enige dag in het jaar dat we met plezier ’s morgens rond half zes op onze fiets stapten. Dauwtrappen noemden we dat dan. In de praktijk betekende het een kwartiertje fietsen naar een plek waar het feest om zes uur kon beginnen!

In de weken voorafgaand aan de grote dag maakten we plannen. Mijn vriendinnetje van vroeger en ik zouden die dag samen met nog wat andere vriendinnetjes naar het omleidingskanaal gaan. Ja inderdaad, het omleidingskanaal, meer hebben tukkerpubers niet nodig. Van ons zakgeld gingen we boodschappen doen. Chips, snoep, heel veel drank en cola. Het snoep, de chips en de cola ging in onze rugzak mee naar huis en de drank verstopten we in het bos.
Op de grote dag zelf pakten we thuis onze gecensureerde boodschappen weer bij elkaar, verzamelden met z’n allen ergens in het dorp, haalden in het bos de belangrijkste ingrediënten voor deze grote dag weer op en fietsten vervolgens naar het omleidingskanaal.
Klaar voor het feest! Beetje rondhangen, beetje zwemmen, beetje stoer doen voor de jongens, je kent het wel.
Maar er werd dus niet gedronken… Niet minder dan anders… Heus niet…

Comments are closed.